Parvovirus

De uiterst besmettelijke virusziekte Parvo heeft aan het eind van de zeventiger jaren een massale en vernietigende uitbraak gehad, terwijl de ziekte voor die tijd eigenlijk niet bekend was. Het virus wordt meestal verspreidt via de uitwerpselen van een besmette hond. Ook buiten het lichaam van de zieke hond is het virus nog lang besmettelijk. Dat maakt het heel moeilijk om besmetting te voorkomen. De meest voorkomende symptomen van de ziekte zijn heftig braken en bloederige diarree. Daarnaast tast het virus het afweersysteem van de hond aan, waardoor de gevoeligheid voor andere ziekteverwekkers veel groter wordt. Soms heeft een hond het virus bij zich zonder ziek te worden.

Preventie van Parvovirus

Na de 1e explosieve uitbraak van Parvovirus diarree in 1978 ontdekten wetenschappers een treffende verwantschap tussen het Parvovirus en het virus dat bij katten kattenziekte veroorzaakt. Toen bleek ook, dat een vaccinatie tegen kattenziekte een bescherming gaf tegen Parvovirus Diarree. In de jaren daarna is er hard gewerkt aan de nu beschikbare vaccins op basis van de eigenlijke ziekteverwekkers. Parvovirus Diarree kan een dramatisch verloop hebben bij honden van elke leeftijd en daarom is een jaarlijkse vaccinatie van groot belang.