Alles over honden: rassen, opvoeding en gezondheid Onafhankelijk · Een site van Petmedia

Over het ras

Tibetaanse boeddhistische monniken uit het Oosten bezaten al meer dan 2500 jaar geleden Mopshondjes. De legende ging dat als de Monnik die het hondje bezat overleed, zijn geest over zou gaan in de Mopshond. Het hondje werd dan ook enorm in de watten gelegd door de andere monniken.

De Mopshond is een ietwat gedrongen en compacte viervoeter. Hij is wat vierkant gebouwd en heeft een grappige uitstraling. Hij is vrolijk en levendig. De leeftijdsverwachting is ongeveer 13-14 jaar.

Abrikoos, Beige (Fawn), Zwart of Zilver. De karakteristieke aftekeningen moeten goed tot hun recht komen in de zuivere kleur van de vacht. Deze zwarte aftekeningen zijn het masker, de duimafdruk voor op het hoofd en de streep van de achterhoofdsknobbel tot aan de staartpunt (de zgn. Aalstreep).

De Mopshond is een vriendelijke, sociale allemansvriend. Hij wil graag overal mee naar toe. Hij heeft een goedaardig karakter, het is een echte kindervriend. De Mops is een tikkeltje koppig en snel op zijn teentjes getrapt, maar hij blijft altijd een grappige spring-in-'t-veld.

De Mopshond is een van de oudste rassen en men neemt aan dat het ras rond vierhonderd voor Christus in Azië is ontstaan. Hoewel de oorsprong van deze hond gehuld is in mysteriën, wordt aangenomen dat de Mopshond van Oosterse afkomst is en mogelijk een afstammeling is van de kortharige Pekingees.

William de Derde van Engeland had verschillende Mopshonden als zijn favorieten. En ook Josephine, de vrouw van Napoleon en koningin Victoria hadden Mopshonden als huisdier. In Engeland werden de eerste Mopshonden "Dutch Mastiffs" genoemd. Volgens de rasstandaard wordt de Mopshond beschreven als een hond die "multum in parvo" is, hetgeen wil zeggen "veel in een klein pakketje". De rasstandaard van de Mopshond is in 1883 vastgesteld. De American Kennel Club heeft dit ras in 1885 erkend. De meeste Amerikaanse liefhebbers hebben hun Mopshond uit Engeland geïmporteerd.

Net als alle rassen kent de Mopshond bepaalde gezondheidsproblemen. Wanneer deze hond onvoldoende aandacht en verzorging van de dierenarts krijgt, valt hij ten prooi aan een aantal verschillende gezondheidsproblemen. De Mopshond heeft, net als alle andere rassen met een korte snuit, een aanleg tot het krijgen van chronische ademhalingsproblemen. De korte snuit bezorgd de Mopshond in warme en vochtige klimaten problemen. Door een lichtelijke onderbeet, lijdt de Mopshond vaak aan tand - en tandvleesproblemen. De delicate ogen van de Mopshond hebben een aanleg tot het krijgen van ontstekingen van het hoornvlies en zweren op het hoornvlies. Deze honden hebben ook een neiging om te snuiven en te snurken. Andere gezondheidsproblemen die bij de Mopshond voorkomen zijn knieschijf luxatie, heupdysplasie en encefalitis. De levensverwachting van de Mopshond ligt rond de 15 jaar.

De Mopshond heeft een innemende persoonlijkheid. Het is een intelligente metgezel en hij is koppig, levendig, aanhankelijk en beminnelijk. De Mopshond is een natuurlijke clown, die je aan het lachen zal maken. Het zijn uitstekende waakhonden, die noch makkelijk opgewonden raken, noch saai zijn. Ze zijn een beetje koppig en kunnen makkelijk verveeld raken door al te veel herhaling bij de training. De Mopshond heeft de intelligentie om de toon van de stem van zijn bas te kunnen herkennen. Mopshonden leven vredig naast andere honden en dieren. Ze zijn speels en doen het zeer goed met kinderen. Het zijn echte kameraden, die van menselijk gezelschap houden; wanneer ze genegeerd worden, zullen ze jaloers worden.

De Mopshond heeft een kortharige, gladde vacht. Deze hond verhaart hevig en moet regelmatig geborsteld worden. Een Mopshond moet na het baden snel worden afgedroogd. Ook moeten de oren regelmatig worden schoongemaakt en de nagels geknipt.

Schofthoogte
25 - 28 cm.
Gewicht
Reu 8,5 kg. Teef 6,5 kg.

Verschijning
De Mopshond is een vierkante, compacte, hond.

Hoofd
Groot, rond. Geen doggengroef. Grote diepe plooien.
Snuit: kort, dik; vierkant maar niet opgebogen.

Ogen
Groot, bolvormig.
Zachte en vragende uitdrukking met veel glans.
Kleur: donker.

Oren
Dun.klein, zacht als fluweel.
Zowel het rozenoor en het knopoor zijn toegestaan, maar het knopoor heeft de voorkeur.

Mond
Gebit: licht ondervoorbijt.
Onderkaak: breed.

Hals
Krachtig en dik. Het hoofd moet trots gedragen worden.

Voorbenen
Gespierd, recht. Matig lang en goed onder het lichaam geplaatst.

Lichaam
Kort en compact.
Borstkas: breed.
Goede ronde ribben.
Rechte rug.

Achterbenen
Gespierd, recht. Matig lang en goed onder het lichaam geplaatst.

Voeten
Geen hazen-of kattenvoeten.
Nagels: zwart.

Staart:
Aanzet: hoog.
Stijf over de rug gekruld (ter hoogte van de heup).
De dubbelde krul heeft de voorkeur.

Beweging
Vrij en krachtige afzet. Van achteren een licht rollende beweging.

Vacht
Fijn, glad, kort, zacht, maar niet wollig of hard.

Kleur
Zwart, zilver, abrikoos, beige.
Elke kleur moet zuiver zijn om de aftekeningen goed tot zijn recht te laten komen: het zwarte masker, de duimafdruk op het voorhoofd en de aalstreep (zwarte streep van de

Mopshond
Foto: Eigen archief

FCI nr: 253
FCI groep 9: Gezelschapshonden
Sectie 11: Laagbenige Molossers
Land van herkomst: Engeland
Rasbeschrijving: De Mopshond is een ietwat gedrongen en compacte viervoeter. Hij is wat vierkant gebouwd en heeft een grappige uitstraling. Hij is vrolijk en levendig. De leeftijdsverwachting is ongeveer 13-14 jaar.
Karakter: Blij en levendig. Straalt charme en waardigheid uit. Intelligent.
Vacht: Fijne zachte vacht, glad en kort. Deze mag niet wollig of hard zijn.
Kleur: Abrikoos, Beige (Fawn), Zwart of Zilver. De karakteristieke aftekeningen moeten goed tot hun recht komen in de zuivere kleur van de vacht. Deze zwarte aftekeningen zijn het masker, de duimafdruk voor op het hoofd en de streep van de achterhoofdsknobbel tot aan de staartpunt (de zgn. Aalstreep).
Gebruik: Gezelschapshondje.
Gezondheid: Mopshondjes zijn allergisch aangelegd. Oplettendheid is geboden bij een onverhoopt noodzakelijke operatie ivm een eventuele Post-operatieve shock.
Aard: De Mopshond is een vriendelijke, sociale allemansvriend. Hij wil graag overal mee naar toe. Hij heeft een goedaardig karakter, het is een echte kindervriend. De Mops is een tikkeltje koppig en snel op zijn teentjes getrapt, maar hij blijft altijd een grappige spring-in-'t-veld.

Hoofd: Relatief groot, rond hoofd en passend bij het lichaam, geen appelhoofd

Schedel: Zonder groef, rimpels op het voorhoofd zijn duidelijk aangegeven en niet overdreven.

Aangezicht
Neus: Zwarte, redelijk grote neus met goed geopende neusgaten.
Snuit: Relatief kort, stomp, vierkant, niet opgewipt. Ogen of neus moeten geheel zichtbaar zijn en mogen nooit worden aangetast door de neusrimpel.
Kaken/tanden: Licht ondervoorbijtend. Scheve kaak, het laten zien van de tanden of tong is hoogst ongewenst. Brede onderkaak met snijtanden in een rechte lijn.
Ogen: Donker, relatief groot, rond van vorm, zacht en vragend van uitdrukking, zeer glanzend. Ogen mogen niet uitpuilend zijn, overdreven groot of wit tonend wanneer de hond recht vooruit kijkt.
Oren: Dun, klein, zacht als zwart fluweel. Twee soorten oren: rozenoor: klein hangend oor dat voorover vouwt en weer terug zodat de gehooropening te zien valt. Knopoor: oorflap naar voren vouwend, de tip ligt dicht tegen de schedel waardoor de gehooropening bedekt is. De knopoor heeft de voorkeur bij de mopshond.

Hals: Licht gebogen, sterk, dik met voldoende lengte om het hoofd trots te dragen.

Lichaam: Kort en gedrongen

Rug: Toplijn recht

Borst: Breed in borst. Ribben goed gewelfd en goed doorlopend naar achteren.

Staart: hoog aangezet, strak gekruld over de heup. Dubbele krul is gewenst.

Voorhand
Schouder: Goed schuin liggend.
Voorbenen: Zeer krachtig, recht, van matige lengte, goed onder het lichaam geplaatst.

Achterhand
Achterbenen: Zeer krachtig, recht, matige lengte en goed onder het lichaam geplaatst, van achteren bekeken lopen de achterbenen recht en parallel.
Knie: Goede kniehoeking

Voeten:  Goede insnijdingen tussen de tenen met warte nagels.

Gangwerk: Van voren gezien moeten de benen goed onder de schouder op gaan en naar beneden komen, voeten mogen daarbij niet naar binnen of buiten gedraaid worden. Van achteren gezien moet de beweging net zo zuiver zijn. Krachtig gebruik van de voorbenen leidt tot goed naar voren brengen ervan, achterbenen vrij bewegend met goed gebruik van de knieën. Een lichte rol van de achterhand typeert de beweging.

Haar: Fijne, glad aanliggende vacht. Zacht, kort en glanzend haar. Noch hard, noch wollig.

Kleur: Zilver, apricot, fawn of zwart. Elk zuiver van kleur, om het contrast met aalstreep en masker zo duidelijk mogelijk te laten uitkomen. Duidelijk afgetekening: snuit of masker, oren, moedervlekken op wangen, duimafdruk of ster op voorhoofd en aanstreep zo zwart als mogelijk.

Gewicht: tussen 6 en 8 kg.

Diskwalificerende fouten: Agressief of overdreven schuw gedrag. Elke hond die duidelijk fysieke of gedragsmatige afwijkingen vertoont.

NB Reuen moeten twee normale, volledig ingedaalde testikels hebben.

Herkomst
Dogachtige, van Chinese afkomst, vaak goed getypeerd met het latijnse 'Multum in parvo': veel hond in een klein lichaam.
In de zestiende eeuw door Nederlanders naar het Westen gebracht, sindsdien geliefd bij veel Europese vorsten.

Algemeen voorkomen
Kwadratisch en gedrongen, harmonisch en goed bespierd.
Korte neus en grote ogen.
Zijn verschijning straalt zowel waardigheid als geestigheid uit.
Schofthoogte reuen en teven ongeveer 30-35 cm
Gewicht 6,5-8,5 kg

Mopshond
Foto: Eigen archief



Vacht Kortharig, glad, zacht en glanzend.
Zilvergrijs, geel, abrikoos (met een zwart masker en op de rug een zwarte streep, 'aalstreep') of geheel zwart.

Gebruik gezelschapshond
Gezondheid Een ras dat heel oud kan worden.
De grote ogen en plooien vragen attentie.
Zoals bij veel kleine rassen kan ook in dit ras incidenteel patella luxatie voorkomen.
Aard Vrolijk, blij en charmant, aanhankelijk en uiterst verdraagzaam met mensen, ook met kinderen en andere honden.
Waaksheid en agressiviteit is hem vreemd.
Leergierig, maar ook eigenwijs en koppig.
Bijzonderheden De omgeving van de ogen en de neus moet goed schoon en drooggehouden worden.
De vacht vraagt nauwelijks zorg, buiten de gewone borstelbeurt.

Beschrijving

Tibetaanse boeddhistische monniken uit het Oosten bezaten al meer dan 2500 jaar geleden Mopshondjes. De legende ging dat als de Monnik die het hondje bezat overleed, zijn geest over zou gaan in de Mopshond. Het hondje werd dan ook enorm in de watten gelegd door de andere monniken.
Er wordt aangenomen dat de Oost-Aziatische Ha-Pa, een veelvuldig voorkomend klein kortharig hondje met een krulstaartje en een stompe neus, de stamvader is van onze hedendaagse Mopshond. Via China en Japan is het Mopshondje met de Verenigde Oost-Indische Compagnie naar Europa gekomen. In Europa had het hondje snel liefhebbers in de Koninklijke familie, mede doordat hun vachtkleur overeenkwam met het Huis van Oranje. Prins Willem van Oranje had meerdere Mopshondjes waarvan één genaamd "Pompey". Er wordt gezegd dat "Pompey" het leven van zijn baasje heeft gered. Toen Willem van Oranje door Frankrijk reisde met een tent werd hij achtervolgd door de Spanjaarden. Pompey krabte en blafte toen zijn baas sliep zodat de prins tijdig kon vluchten.
Pas na de Tweede Wereldoorlog kreeg het hondje serieuze belangstelling doordat er toen gericht is gaan fokken met stamboom. De grondlegster voor deze betekenisvolle basis voor de hedendaagse Mopshond is Mw. Veldhuis. Dankzij haar is ook Commedia; de vereniging van fokkers en liefhebbers van de Mopshond, welke is opgericht in 1957. De Mopshond is een vrolijke, levendige en gezellige hond.

De Mopshond is een ietwat gedrongen en compacte viervoeter. Hij is wat vierkant gebouwd en heeft een grappige uitstraling. Hij is vrolijk en levendig. De leeftijdsverwachting is ongeveer 13-14 jaar.

Abrikoos, Beige (Fawn), Zwart of Zilver. De karakteristieke aftekeningen moeten goed tot hun recht komen in de zuivere kleur van de vacht. Deze zwarte aftekeningen zijn het masker, de duimafdruk voor op het hoofd en de streep van de achterhoofdsknobbel tot aan de staartpunt (de zgn. Aalstreep).

De Mopshond is een vriendelijke, sociale allemansvriend. Hij wil graag overal mee naar toe. Hij heeft een goedaardig karakter, het is een echte kindervriend. De Mops is een tikkeltje koppig en snel op zijn teentjes getrapt, maar hij blijft altijd een grappige spring-in-'t-veld.

Rasstandaard

Schofthoogte
25 - 28 cm.
Gewicht
Reu 8,5 kg. Teef 6,5 kg.

Verschijning
De Mopshond is een vierkante, compacte, hond.

Hoofd
Groot, rond. Geen doggengroef. Grote diepe plooien.
Snuit: kort, dik; vierkant maar niet opgebogen.

Ogen
Groot, bolvormig.
Zachte en vragende uitdrukking met veel glans.
Kleur: donker.

Oren
Dun.klein, zacht als fluweel.
Zowel het rozenoor en het knopoor zijn toegestaan, maar het knopoor heeft de voorkeur.

Mond
Gebit: licht ondervoorbijt.
Onderkaak: breed.

Hals
Krachtig en dik. Het hoofd moet trots gedragen worden.

Voorbenen
Gespierd, recht. Matig lang en goed onder het lichaam geplaatst.

Lichaam
Kort en compact.
Borstkas: breed.
Goede ronde ribben.
Rechte rug.

Achterbenen
Gespierd, recht. Matig lang en goed onder het lichaam geplaatst.

Voeten
Geen hazen-of kattenvoeten.
Nagels: zwart.

Staart:
Aanzet: hoog.
Stijf over de rug gekruld (ter hoogte van de heup).
De dubbelde krul heeft de voorkeur.

Beweging
Vrij en krachtige afzet. Van achteren een licht rollende beweging.

Vacht
Fijn, glad, kort, zacht, maar niet wollig of hard.

Kleur
Zwart, zilver, abrikoos, beige.
Elke kleur moet zuiver zijn om de aftekeningen goed tot zijn recht te laten komen: het zwarte masker, de duimafdruk op het voorhoofd en de aalstreep (zwarte streep van de achterhoofdsknobbel tot aan de staartpunt).

NB
Reuen: twee testikels moeten goed ingedaald zijn in het scrotum.

Geschiedenis

Mopshond
Foto: Eigen archief

De mopshond is de kleinste dogachtige van allemaal. Van oorsprong komt de mopshond uit China. Ze waren de lievelingen van de Boeddhistische monniken in het Tibetaanse gebergte. De monniken geloofden dat hun ziel na hun dood in hun mopshond zou huizen. De hondjes werden dan ook goed verwend door de monniken. Helemaal zeker is het niet, maar er zijn aanwijzingen dat de eerste mopshonden al rond 700 voor Chr. rondliepen aan het Chinese hof. Vanuit het Chinese hof werd de mopshond rond 700 na Chr. geintroduceerd bij de Japanse Keizer onder de naam Ssuchuan pai. Door zijn lage voorkomen en korte pootjes paste de mopshond perfect onder de lage Japanse tafels.

Omstreeks 1500 zijn de eerste mopshonden meegenomen naar Europa door Nederlandse zeelui. De mopshond werd al snel zeer populair bij de dames vanwege zijn excentrieke uiterlijk en het feit dat de mopshond mooi op schoot past. Tweehonderd jaar later nam Stadhouder Willem III de mopshond mee naar Engeland toen hij daar de troon besteeg. De mopshond van Willem III, Pompey genaamd, zou hem ooit het leven hebben gered. Toen de legertent van de prins overvallen werd door Spaanse soldaten zou de mopshond Willem III wakker geblaft en gekrabt hebben waardoor hij op tijd kon ontsnappen.

De mopshond is een echte gezelschapshond, altijd charmant en levendig. De mopshond is een bijzonder trouwe, betrouwbare en aanhankelijk hond. De hond is dan ook een ware kindervriend en kan prima thuis gehouden worden. De mopshond is nooit gefokt voor enig praktisch nut. Zijn primaire functie is die van aanhankelijke gezelschapshond. Een functie die de mopshond met verve en vol plezier vervuld.